| |
foto
Nederlands Goud-, Zilver- en Klokkenmuseum, Rob Glastra |
|
 |
|
De expositie met zilver uit de periode
1945 - 1975 in het Nederlands Goud-, Zilver- en Klokkenmuseum heet
'Vergeten generatie'. Een titel die niet lang zal standhouden, want
het getoonde zilver past perfect in de hedendaagse smaak die alles
wat herinnert aan de jaren vijftig gretig in de armen sluit. De
zilversmeden van deze 'vergeten generatie' waren vakmensen die ambachtelijke
kennis van het zilver combineerden met een goed gevoel voor vormgeving.
Dat eind jaren zestig, begin zeventig van de vorige eeuw, zilver
uit de gratie raakte was omdat het toen werd gezien als een ouderwets
luxe product van de bourgeois. De moderne vooruitstrevende mens
wilde dat oude statussymbool niet meer. Maar voor dit zilver met
gestroomlijnde en vaak futuristische vormen is gelukkig nu weer
wel belangstelling.
Een enkele zilversmid probeerde destijds met de veranderende tijdsgeest
mee te gaan, maar dat had geen succes. ,,Het vakblad van de zilversmeden
stelde dat dit eigenlijk niet mocht”, wijst Annelies Krekel-Aalberse
die de tentoonstelling samenstelde, naar een bescheiden zilveren
kannetje met een knalgroen deksel van kunststof. ,,Maar het is natuurlijk
erg leuk en in de jaren zeventig won kunststof natuurlijk steeds
meer aan populariteit.” Krekel-Aalberse, die al menig boek
schreef over zilver en zilversmeden van de afgelopen honderd jaar,
is blij dat deze expositie er is. ,,Eindelijk gerechtigheid voor
al die zilversmeden waarvan de namen niemand iets zegt, terwijl
ze prachtig werk maakten.” Een aantal van hen werkten voor
fabrieken, maar de individuele zilversmid moest zelf een koper zien
te interesseren voor zijn werk. Krekel-Aalberse: ,,Een budget voor
PR hadden ze niet en maar een enkeling kon zijn werk verkopen via
een galerie.” Dat er op de tentoonstelling vooral veel serviezen
en schalen te zien zijn, is volgens haar het gevolg van de behoudende
smaak van de opdrachtgevers. ,,Zilver is duur en moest dus lang
meegaan. De opdrachtgever wilde geen modern ontwerp dat misschien
weer snel uit zou raken, maar liever een klassiek. In vrije opdrachten
zochten zilversmeden naar nieuwe vormen.” Zo maakte Chris
Steenbergen die een van de meest toonaangevende zilversmeden was,
een abstract beeld als wisselprijs voor het jaarlijkse Internationale
Beiaardconcours van Hilversum.
De tentoonstelling maakt duidelijk dat de zilversmeden destijds
vooral in de katholieke kerk een belangrijke opdrachtgever hadden.
Die bestelden miskelken en monstransen, een etalage voor de heilige
hostie. De monstrans kon wel meer dan een halve meter hoog zijn
omdat hij op het altaar kwam te staan en voor iedereen goed zichtbaar
moest zijn. Maar ook de overheid gaf opdrachten. Zo maakte Fritz
Jaritz een ambtsketen voor de burgemeester van Doorn van allemaal
mensfiguurtjes die elkaar een hand geven zodat de ketting een kring
is van mensen. Een bijzonder stuk op de tentoonstelling is het schemerlampje
dat Beatrix voor haar achttiende verjaardag in 1956 kreeg van de
provincies. Op een kristallen voet staan twee cirkels van zilver
met daarin een smal verguld kapje. Destijds uiterst modern en vandaag
zou het niet misstaan in een designwinkel. Met een vitrine 'Opsporing
Verzocht' vraagt de expositie aandacht voor zilver dat niet alleen
vergeten is, maar ook zoek is geraakt. Zo hangt er een foto van
een grote zilveren schaal die de gemeente Den Haag in 1952 kreeg,
maar niemand weet waar die gebleven is.
Expositie
Vergeten Generatie tot 24 november 2008 in het Nederlands Goud-,
Zilver- en Klokkenmuseum, Kazerneplein 4 in Schoonhoven.
Bij de tentoonstelling hoort MUSEUMTIJDschrift nr. 24, geschreven
door Annelies Krekel-Aalberse.
|
|
|
|
|